Maximale afmetingen, massa’s en aslasten van (land)bouwvoertuigen

Per 1 januari 2021 zijn de afmetingen en massa’s van (land)bouwvoertuigen aangepast. Zo mogen motorrijtuigen met beperkte snelheid nu maximaal 20 meter lang zijn. De actuele maximale afmetingen, massa’s en aslasten staan in de bijlage van dit bericht.

Met de registratie- en kentekenplicht zijn ook de voertuigeisen aan (land)bouwvoertuigen aangepast. Een belangrijke wijziging is dat motorrijtuigen met beperkte snelheid, die zijn ingericht voor het uitvoeren van werkzaamheden, nu 20,00 meter lang mogen zijn. Zelfrijdende aardappelrooiers en bietenrooiers zijn regelmatig langer dan 12,00 meter en dat is nu toegestaan, zonder dat een ontheffing nodig is.

Vanaf 1 januari 2022 mogen nieuwe landbouwaanhangwagens voor transport over de bak maximaal 2,55 meter breed zijn. Tot 1 januari 2022 worden nieuwe aanhangwagens met een bak van 3,00 meter breed nog goedgekeurd. Dit is bedoeld voor aanhangwagens die al voor 2021 in aanbouw waren en in 2021 voltooid zijn. en De breedte over de banden van landbouwaanhangwagens is en blijft maximaal 3,00 meter.

(Land)bouwvoertuigen met een verwisselbaar gedragen uitrustingsstuk, mogen niet langer zijn dan de maximumlengte van het losse voertuig. Een landbouwtrekker met een ploeg in de hefinrichting en een vorenpakker in de fronthef, mag daarom niet langer zijn dan 12,00 meter.

Een voertuigcombinatie met aanhangwagen(s) mag maximaal 18,75 meter lang zijn. De lengte van een motorrijtuig met beperkte snelheid of mobiele machine met aanhangwagen is nu maximaal 20,75 meter. De lengte van 20,75 meter mag alleen, als de lading op de aanhangwagen een verwisselbaar uitrustingsstuk is, welke voor het gebruik van het zelfrijdende werktuig noodzakelijk is. Een voorbeeld is een maaidorser met daarachter het maaibord. Of de aanhangwagen is onbeladen, dan is ook 20,75 meter toegestaan.

Massa en aslasten
De toegestane massa en aslasten van landbouwtrekkers is ongewijzigd. De totale massa van motorrijtuigen met beperkte snelheid en mobiele machines, die ingericht zijn voor het uitvoeren van werkzaamheden, is nu 60.000 kg. De maximum aslast voor deze zelfrijdende werktuigen is 12.000 kg en er is geen maximumlast onder één wiel meer bepaald.

Nieuw is een bepaling waarbij de maximum massa afhangt van het soort remsysteem. Een landbouwaanhangwagen of getrokken werktuig, die is voorzien van een oplooprem, mag maximaal 8.000 kg wegen. Deze bepaling komt uit de Europese remmenrichtlijn.

Markeringseisen
Nieuw is dat verwisselbare gedragen uitrustingsstukken, die voor of achter meer dan 1,00 meter uitsteken, aan de zijkanten voorzien moeten zijn van zijmarkeringslichten of gele reflectoren of gele opvallende markering.

Verder moeten landbouwtrekkers, mobiele machines, landbouwaanhangwagens en verwisselbare getrokken uitrustingsstukken, die na 1 januari 2021 in gebruik zijn genomen en die breder zijn dan 2,55 meter (inclusief lading of gedragen werktuigen), voorzien zijn van breedtemarkeringsborden.

Stootbalk
Ook nieuw is dat bij het vervoer van lading die aan de achterzijde uitsteekt, er een deugdelijke stootbalk moet zijn aangebracht. De stootbalk mag niet meer dan 0,60 m voor de uiterste achterzijde van de uitstekende lading zitten. De stootbalk moet zijn aangebracht wanneer de afstand van de onderzijde van de lading tot het wegdek meer bedraagt dan 0,55 m en dat is vrijwel altijd het geval. In de praktijk is dit een onuitvoerbare eis, omdat bestaande aanhangwagens niet zijn voorzien van een stootbalk, laat staan één die uitschuifbaar is.